Wat is ‘Abeona’ en welke invloed heeft dat op de plannen voor Velserbroek BUITEN?
NATUUR/MILIEU – Abeona is een particulier CO₂-opslagproject van Abeona CCS Storage B.V., onderdeel van de olie- en gasmaatschappij Petrogas. Het Abeona-initiatief is een geavanceerd CO₂-transport- en opslagproject in de Noordzee dat bestaande infrastructuur inzet om industriële emissies efficiënt te verminderen.
De bestaande Petrogas-olieleiding wordt mogelijk hergebruikt. Daardoor hoeft minder nieuwe infrastructuur op land en zee te worden aangelegd. Het transportsysteem moet als open infrastructuur beschikbaar komen voor verschillende industriële bedrijven.

Peter luit namens Actiegroep Velserbroek Oost: “We hadden nog nooit van Abeona gehoord. Marlies de Vries, een oplettende bewoner in het gebied, attendeerde ons op het voornemen deze pijpleiding te gaan hergebruiken voor het transport van CO₂ naar de Noordzee voor langdurige opslag.
Het project zou in 2030 van start gaan. Zoeken naar de term Aberon in de Nota van Uitgangspunten voor Velserbroek BUITEN leverde geen enkel resultaat op. Zoeken op de term ‘leiding(en)’ leverde het volgende op: ‘Langs de snelweg loopt een nationale leidingenstrook, waarvan een van de leidingen benut zal worden als waterstoftransportleiding (2026 start planologische procedure). Op deze strook en in de bufferzone mag niet gebouwd worden’.
Het Abeona-project van Petrogas maakt momenteel geen melding van een specifieke landbufferzone. Het project vervoert CO₂ rechtstreeks via een bestaande pijpleiding van de Amerikahaven in Amsterdam naar de Noordzee, of per schip. De opslag vindt plaats in de Helm- en Helder-olievelden, circa 40 km ten westen van Den Helder. De formele plannen voor het Abeona-project zijn momenteel in de verkennende fase.

Op 8 juni 2026 hielden het ministerie en Abeona een informatiebijeenkomst in het BUKO Stadion in Velsen-Zuid. De gemeente is derhalve wel op de hoogte van de plannen.
Tot en met donderdag 2 juli 2026 kan iedereen reageren op:
- de te onderzoeken tracéopties;
- gevolgen voor natuur, veiligheid en omgeving;
- locaties van installaties en aansluitpunten;
- de manier waarop bewoners en organisaties worden betrokken.
Daarna wordt bepaald welke alternatieven verder onderzocht worden. De planuitwerking staat voorlopig gepland voor 2028–2030.